Wat te doen met box 1, 2 en 3

Publicatiedatum: 3 april 2017 13:09
Vorige week hebben we bespaartips genoemd voor box 1, maar wat gebeurt er in box 2 en box 3? We leggen hier de verschillen uit tussen alle boxen.


Wanneer welke box?

In de tijd van de inkomstenbelasting kan het u soms duizelen. Werkt u in loondienst, heeft u geen aandelen en valt uw spaargeld onder een bepaalde grens, dan is het nog te overzien. Is uw situatie iets ingewikkelder, dan krijgt u te maken met te betalen belastingen in de diverse boxen. Vorige week spraken we over box 1 en de voordelen die er te halen zijn door gebruik te maken van aftrekposten. Deze week nemen we box 2 en 3 onder de loep. Want wat gebeurt daar dan precies? Welke inkomsten geeft u op in welke box en waar betaald u precies belasting over? We leggen het in begrijpelijke taal aan u uit. 

Box 1: Belastbaar inkomen uit werk en woning


Het belastbaar inkomen in box 1 is de som van inkomsten uit uw werk en een eventuele koopwoning minus eventuele aftrekposten. Meer over box 1 vindt u in dit artikel: Geldbesparende aftrekposten in box 1


Box 2: Belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang

Het belastbaar inkomen in box 2 is de som van uw voordeel uit het aanmerkelijk belang, minus uw persoonsgebonden aftrek (mits in box 1 en 3 te weinig inkomsten) en eventueel te verrekenen verliezen in box 2. 

Heeft u direct of indirect, eventueel samen met uw fiscaal partner, 5% van een van de volgende zaken, dan heeft u een aanmerkelijk belang: 

  • Aandelen in een binnen- of buitenlandse vennootschap
  • Winstbewijzen van een binnen- of buitenlandse vennootschap
  • Genotsrechten van de winstbewijzen of aandelen in een binnen- of buitenlandse vennootschap
  • Stamrecht in een coöperatie of vereniging op coöperatieve grondslag
  • Opties om minimaal 5% van de aandelen te verwerven in een binnen-of buitenlandse vennootschap 

Indien bovenstaande op u van toepassing is, dan moet u misschien belasting betalen over het voordeel dat u heeft van het aanmerking belang. Het voordeel kan ontstaan uit bijvoorbeeld dividend (regulier voordeel) of uit vervreemdingsvoordelen zoals winst door verkoop van uw aandelen. Meer informatie: Belastingdienst - Aanmerkelijk belang


Box 3: Belastbaar inkomen uit sparen en beleggen

Het belastbaar inkomen in box 3 is de som van uw voordeel uit sparen en beleggen minus uw persoonsgebonden aftrek (mits in box 1 te weinig inkomsten).

De Belastingdienst ziet uw vermogen als de som van uw bezittingen minus eventuele schulden. Bij bezittingen kunt u denken aan spaargeld of een tweede huis. Het koophuis waarin u woont valt hier niet onder, deze wordt meegenomen in box 1, aandelen vallen in box 2 dus worden ook niet meegenomen als bezit. Bij de aangifte inkomstenbelasting wordt berekend hoeveel belasting u dient te betalen over deze bezittingen.

U heeft een deel heffingsvrij vermogen. Hierover hoeft u geen belasting te betalen. Voor 2016 bedraagt dit € 24.437 en voor 2017 is dat € 25.000. Heeft u een fiscaal partner, dan verdubbeld u dit bedrag. Over het deel boven dit heffingsvrije vermogen betaald u belasting. Tot en met 2016 werd gerekend met een fictief rendement van 4% over het vermogen. Hierover betaalt u 30% inkomstenbelasting, waardoor de berekening als volgt is: 4% x 30% = 1,2% belasting. Sinds dit jaar maakt de Belastingdienst gebruik van 3 schijven om het fictief rendement te berekenen. Dit is afhankelijk van de hoogte van uw vermogen. De 30% inkomstenbelasting is onveranderd gebleven. Meer informatie: Belastingdienst - Inkomen uit vermogen  


Ondersteuning of vragen


Heeft u behoefte aan ondersteuning bij het doen van uw belastingaangifte? Wij nemen het graag voor u uit handen of helpen u weer op weg. Zorg er in ieder geval voor dat uw belastingaangifte op tijd (voor 1 mei) de deur uit gaat of vraag tijdig uitstel aan. Lees hier meer over de Belastingaangifte. Wilt u op de hoogte blijven van ander nieuws en belangrijke veranderingen rondom ondernemen? Schrijf dan in op de nieuwsbrief en volg ons op FacebookLinkedIn en/of Twitter